Magnificat
BWV 243 uitgevoerd door de Nederlandse Bachvereniging
onder leiding van Jos van Veldhoven
Grote Kerk, Naarden
Achter de muziek
De machtige arm van God
De zeggingskracht van deze jubelzang over de rechtvaardigheid van God is overweldigend
Het Magnificat is het eerste grote koorwerk dat Bach componeerde na zijn aanstelling in Leipzig in het voorjaar van 1723. Het is een ‘ouderwets’ maar riant vijfstemmig werk dat zich van het Latijn bedient, precies zoals die andere witte raaf onder Bachs werken, de ‘Hohe Messe’. De tekst is ontleend aan het evangelie van Lucas en gaat over het bezoek dat Maria brengt aan de eveneens zwangere Elisabeth. Zij verwelkomt Maria met de woorden: ‘De meest gezegende ben je van alle vrouwen, en gezegend is de vrucht van je schoot!’ Maria antwoordt met: ‘Mijn ziel prijst en looft de Heer (Magnificat anima mea Dominum), mijn hart juicht om God, mijn redder: hij heeft oog gehad voor mij, zijn minste dienares.’ De kerkelijke feestdag die hoort bij deze gebeurtenis, Maria Visitatie, viel in Bachs tijd op 2 juli, tegenwoordig wordt dit feest gevierd op 31 mei. Het is niet onmogelijk dat Bach plannen heeft gehad om het Magnificat al op dit eerste belangrijke kerkelijke feest na zijn aantreden te laten klinken. Maar omdat zijn voornemen om voor iedere zondag een nieuwe cantate te componeren al hoog gegrepen bleek, kan hij de voltooiing van het Magnificat hebben uitgesteld tot de eerstvolgende hoogtijdag, Kerstmis 1723. Toen klonk het in elk geval voor het eerst, aangevuld met enkele toepasselijke Duitstalige kerkliederen.
Tien jaar later reviseerde Bach zijn Magnificat: hij verving de blokfluiten door traverso’s, transponeerde het werk naar een andere toonsoort, gaf de solotrompetpartij in het tiende deel aan twee unisono spelende hobo’s en liet de aan Kerstmis gerelateerde liederen weg, waardoor het stuk ook toepasbaar werd op andere momenten.
Het Magnificat telt twaalf delen van elk niet meer dan drie minuten. Maar de zeggingskracht van deze jubelzang over de rechtvaardigheid van God is overweldigend: heersers laat hij in het stof bijten terwijl hij nederigen verheft, hongerigen voedt hij terwijl rijken worden weggestuurd. De tekst wordt gloedvol ingekleurd door, naast strijkers en basso continuo, koperblazers in te zetten voor de martiale klanken en houtblazers voor de meer liefdevolle passages. Het voltallige ensemble klinkt alleen in het begin, in het midden en aan het eind; in de tussenliggende delen worden steeds wisselende vocale en instrumentale combinaties aangesproken om de tekst zo expressief mogelijk te ondersteunen.
Expressiviteit past Bach ook toe op de vierkante centimeter: bijvoorbeeld in het tweede deel met dansante klanken op het woord ‘exultavit’, in het vierde deel door de plotse inzet van nagenoeg het hele ensemble op de woorden ‘omnes generationes’ en in het zesde deel door triolen op het woord ‘timentibus’. In deel 7 rolt Bach ditzelfde principe kamerbreed uit: met een woeste, zesstemmige fuga op de tekst ‘fecit potentiam in brachio suo’ verklankt hij overtuigend hoe ver de machtige arm van God reikt.
Achtergrondvideo's
Sopraan Hana Blažíková
"Bach heeft de gave om soms dingen te schrijven die echt niet te zingen zijn."
Lucia Swarts en Richte van der Meer
"Cellisten Lucia Swarts en Richte van der Meer over hun centrale rol in 'Quia Fecit'."
Teksten
Origineel
1. Coro
Magnificat anima mea Dominum
2. Aria (soprano)
Et exsultavit spiritus meus in Deo
salutari meo.
3. Aria (soprano), coro
Quia respexit humilitatem
ancillae suae:
ecce enim ex hoc beatam me dicent
4. Coro
omnes generationes.
5. Aria (basso)
Quia fecit mihi magna qui potens est
et sanctum nomen ejius.
6. Duetto (alto, tenore)
Et misericordia ejus a progenie
in progenies timentibus eum.
7. Coro
Fecit potentiam in brachio suo
dispersit superbos
mente cordis sui.
8. Aria (tenore)
Deposuit potentes de sede
et exaltavit humiles.
9. Aria (alto)
Esurientes implevit
bonis et divites
dimisit inanes.
10. Terzetto (soprani, alto)
Suscepit Israel puerum
suum recordatus
misericordiae suae.
11. Coro
Sicut locutus est ad patres nostros,
Abraham et semini ejus
in saecula.
12. Coro
Gloria Patri et Filio
et Spiritui Sancto.
Sicut erat in principio,
et nunc, et semper,
et in saecula saeculorum.
Amen.
Vertaling
1. Koor
Mijn ziel prijst de Heer.
2. Aria (S2)
en mijn geest juicht
om God, mijn Heiland.
3. Aria (S1)
omdat hij heeft omgezien
naar de lage stand van zijn dienstmaagd;
want zie, voortaan zullen mij zalig prijzen
4. Koor
alle geslachten.
5. Aria (B)
Omdat hij grote dingen voor mij heeft gedaan,
hij die machtig is, en heilig is zijn naam,
6. Aria / Duet (A, T)
en zijn barmhartigheid is van
geslacht tot geslacht voor wie hem vrezen.
7. Koor
Hij heeft de kracht van zijn arm getoond,
en de hoogmoedigen uiteengejaagd
in de gezindheid van zijn hart.
8. Aria (T)
Hij heeft machtigen van de troon gestoten
en eenvoudigen verhoogd.
9. Aria (A)
Hij heeft hongerigen
met gaven overladen, en rijken
met lege handen weggestuurd.
10. Aria / Terzet (S1, S2, A)
Hij heeft zich het lot van Israel,
zijn dienaar, aangetrokken
zich herinnerend zijn barmhartigheid.
11. Koor
Zoals hij tot onze vaderen heeft gesproken,
tot Abraham en zijn nageslacht
in eeuwigheid.
12. Koor
Ere zij de Vader en de Zoon
en de Heilige Geest,
zoals het was in het begin,
en nu en altijd,
en in de eeuwen der eeuwen.
Amen.
vertaling © Ria van Hengel, mei 2026
Credits
-
- Publicatiedatum
- 12 september 2014
-
- Opnamedatum
- 2 mei 2014
-
- Locatie
- Grote Kerk, Naarden
-
- Dirigent
- Jos van Veldhoven
-
- Sopraan 1
- Julia Doyle
-
- Sopraan 2
- Hana Blažíková
-
- Alt
- Maarten Engeltjes
-
- Tenor
- Thomas Hobbs
-
- Bas
- Christian Immler
-
- Ripiënisten sopraan
- Lauren Armishaw, Griet de Geyter, Marjon Strijk, Kristen Witmer
-
- Ripiënisten alt
- Leandro Marziotte, Elena Pozhidaeva
-
- Ripiënisten tenor
- Kevin Skelton, Immo Schröder, Diederik Rooker, Ronald Threels
-
- Ripiënisten bas
- Jelle Draijer, Sebastian Myrus
-
- Viool 1
- Shunske Sato, Paulien Kostense, Anneke van Haaften
-
- Viool 2
- Hanneke Wierenga, Annabelle Ferdinand, Annelies van der Vegt
-
- Altviool
- Deirdre Dowling, Esther van der Eijk
-
- Cello
- Lucia Swarts, Richte van der Meer
-
- Contrabas
- Robert Franenberg
-
- Traverso
- Marten Root, Doretthe Janssens
-
- Hobo
- Martin Stadler, Peter Frankenberg
-
- Fagot
- Benny Aghassi
-
- Trompet
- Robert Vanryne, Neil Brough, Mark Geelen
-
- Pauken
- Peppie Wiersma
-
- Klavecimbel
- Siebe Henstra
-
- Orgel
- Pieter-Jan Belder
-
- Productie concert
- Imke Deters, Marco Meijdam
-
- Productie
- Zoë de Wilde, Frank van der Weij
-
- Cameraregie
- Lucas van Woerkum
-
- Director of photography
- Sal Kroonenberg
-
- Camera
- Sal Kroonenberg, Robert Berger, Benjamin Sparschuh, Lonneke Worm
-
- Montage
- Lucas van Woerkum, Frank van der Weij
-
- Muziekopname
- Leo de Klerk
-
- Licht
- Victor Jas
-
- Licht-assistent
- Ravi Piccolo
-
- Productie-assistentie
- Joggem Simons
-
- Partituurcoaching
- Eva Mulder
-
- Make up
- Jamila el Bouch, Marloes de Jong, Hanneke de Hertog, Marjolein Vossenbeld
-
- Geluids-assistenten
- Jaap Firet, Gilius Kreiken, Jaap van Stenis
-
- Camera-assistenten
- Izak de Dreu, Indy Hamid
-
- Muziekmontage en mixage
- Leo de Klerk, Frank van der Weij
-
- Muziekmontage assistent
- Martijn Snoeren
-
- Kleurcorrectie
- Jef Grosfeld
-
- Interviews
- Onno van Ameijde
-
- Met dank aan
- Angela Mast, Marlo Reeders