Mit Fried und Freud ich fahr dahin

Mit Fried und Freud ich fahr dahin

BWV 616 uitgevoerd door Matthias Havinga
Walburgiskerk, Zutphen

Achter de muziek

Verhaal
Verhaal
Achtergrondvideo's
Achtergrondvideo's
Credits
Credits

Woelend water

Een koraalbewerking die een historische waterramp muzikaal lijkt te verbeelden

Op 29 mei 1613 zorgde urenlang noodweer in Weimar en de rest van Thüringen voor een historische watersnood. Alleen al in de stad zelf werden 44 huizen verwoest en verdronken bijna honderd mensen. Een eeuw later was die ramp allerminst vergeten. In 1704 en 1720 werden de ‘volledige verslagen’ (vollständigen Acta) van de ‘Thüringsche zondvloed’ gepubliceerd. Daarin wordt meerdere keren verteld dat slachtoffers de dood tegemoet gingen onder het zingen van het koraal Mit Fried und Freud’ ich fahr dahin.

Bach moet die verhalen ook gehoord hebben en het zal hem wellicht beïnvloed hebben bij het schrijven van BWV 616, een orgelbewerking van het koraal Mit Fried und Freud’ ich fahr dahin.

Alles in BWV 616 draait om een groepje van één achtste noot en twee zestienden. Door het hele stuk heen is dit motiefje bijna onophoudelijk te horen. Het zorgt voor een bewegelijke en – afhankelijk van het gekozen tempo – zelfs onrustige laag onder de koraalmelodie: woelend water lijkt het en op sommige plekken gaat de koraalmelodie er zelfs in kopje onder. Ook in de harmonieën onder de koraalmelodie is niets rechttoe rechtaan: her en der klinken korte maar onverwachte harmonische zijstapjes. Watersnoodramp of niet: hoewel de tekst van het koraal spreekt over vredig en met vreugde de dood ingaan, lijkt de muziek dat gevoel in ieder geval niet te dekken.

Orgelbüchlein, BWV 599-644
Bach begon al in zijn tijd als hoforganist in Weimar (1708-1714) een eerste collectie aan te leggen van koraalbewerkingen en koraalvoorspelen (composities op basis van lutherse kerkliederen). Deze waren bedoeld voor in de kerkdienst, de voorspelen als inleiding voor de gemeentezang. Blijkens de inhoudsopgave in Bachs manuscript had het een bundel met 164 composities moeten worden, maar het werden er uiteindelijk niet meer dan 46 (BWV 599-644). Die ordening, gecombineerd met de geringe lengte van de stukken, wijst erop dat Bach van plan is geweest een complete cyclus van koraalbewerkingen samen te stellen. Later, in zijn tijd in Köthen, voorzag hij de bundel van een titelpagina. Daarop staat: Orgel-Büchlein, Worinne einem anfahenden Organisten Anleitung gegeben wird, auff allerhand Arth einen Choral durchzuführen… (Orgelboekje, waarin een beginnend organist geleerd wordt een koraal op allerlei manieren te bewerken…). De verzameling bestemde hij dus toen pas als leerboek, wellicht om in 1722 te presenteren bij zijn sollicitatie voor de post van Thomascantor in Leipzig, waar hem een belangrijke onderwijstaak te wachten stond. De leerlingen zullen er een kluif aan gehad hebben, want in een notendop bevatten de voorspelen het complete gamma aan barokke klaviertechnieken.

Achtergrondvideo's

Organist Matthias Havinga

"Uit het hoofd spelen kan toegevoegde waarde hebben"

Teksten

Origineel

Vertaling

Credits

  • Publicatiedatum
    22 oktober 2026
  • Opnamedatum
    30 mei 2024
  • Locatie
    Walburgiskerk, Zutphen
  • Orgel
    Matthias Havinga
  • Instrument
    Henrick Bader, 1639/1643
  • Regie en beeldmontage
    Gijs Besseling
  • Muziekopname
    Guido Tichelman, Pim van der Lee
  • Audiomontage en -mix
    Guido Tichelman
  • Camera
    Danny Noordanus, Manon Hoskens, Remco van Leest
  • Grip
    Wouter Visser
  • Assistent audioregie
    Marloes Biermans
  • Productie
    Lisanne Marlou de Kok